BBG HFD07

Genitivus - Tweede Naamval

De genitivus drukt bezit of afhankelijkheid uit.
In de vertaling zal vaak ‘van’ worden toegevoegd of een s of apostroph worden toegevoegd aan voorgaande woord.

Voorbeelden
ὁ λόγος τοῦ Θεοῦ - het woord van God (Luk.8:11 e.a.)
Ἐγώ εἰμι ὁ ἄρτος τῆς ζωῆς - Ik ben het Brood des levens (Joh.6:35)
Ἰησοῦ Χριστοῦ υἱοῦ Δαυεὶδ υἱοῦ Ἀβραάμ - Jezus Christus Zoon van David Zoon van Abraham (Matt.1:1)
διὰ τῶν χειρῶν Παύλου (Hand.19:11) - door de handen van Paulus / door Paulus’ handen

Dativus - Derde Naamval

De dativus wordt in veel situaties gebruikt, waaronder uitdrukkingen waarvoor in het Nederlands voorzetsels als ‘aan’, ‘in’ en ‘met’ worden gebruikt. Het is ook de naamval die gebruikt wordt voor een meewerkend voorwerp (‘direct object’) in een zin.

Voorbeelden
ἄγγελος Κυρίου κατ’ ὄναρ ἐφάνη αὐτῷ (Matt.1:20)
een engel van de Heer verscheen aan Hem in een droom

καθὼς ἐλάλησεν πρὸς τοὺς πατέρας ἡμῶν,
τῷ Ἀβραὰμ καὶ τῷ σπέρματι αὐτοῦ εἰς τὸν αἰῶνα (Luk.1:55)
Zoals Hij beloofd heeft aan onze vaders,
aan Abraham en aan zijn zaad tot in eeuwigheid

Naamvalsuitgangen

De naamvalsuitgangen zijn de uitgangen die toegevoegd worden aan de stam van het woord. Zie tabel 1.

Tabel 1
Naamvalsuitgangen

Naamval Naam 2e decl.m. 1e decl.vr. 2e decl.onz.
1e ev Nominativus ς - ν
2e ev Genitivus υ ς υ
3e ev Dativus ι ι ι
4e ev Accusativus ν ν ν
1e mv Nominativus ι ι α
2e mv Genitivus ων ων ων
3e mv Dativus ις ις ις
4e mv Accusativus υς ς α


Vaak wordt de laatste stamklinker meegenomen bij weergeven van naamvalsuitgangen. Zie Tabel 2.

Tabel 2
Laatste stamklinker en naamvalsuitgang

Naamval Naam 2e decl.m. 1e decl.vr. 2e decl.onz.
1e ev Nominativus ος η / α ον
2e ev Genitivus ου νς / ας ου
3e ev Dativus ῃ / ᾳ
4e ev Accusativus ον ην / αν ον
1e mv Nominativus οι αι α
2e mv Genitivus ων ων ων
3e mv Dativus οις αις οις
4e mv Accusativus ους ας α


Dit toegepast op de zelfstandige naamwoorden λόγος (woord, 2e declinatie mnl), γραφή en ὥρα (1e declinatie vrl), ἔργον (2e declinatie onz.) levert de vervoegingen in Tabel 3 op.

Tabel 3
Vervoeging zelfstandige naamwoorden

Naamval 2e decl.m. 1e decl.vr. 2e decl.onz.
1ev λόγος γραφή ὥρα ἔργον
2ev λόγου γραφῆς ὥρας ἔργου
3ev λόγῳ γραφῇ ὥρᾳ ἔργῳ
4ev λόγον γραφήν ὥραν ἔργον
1mv λογόι γραφαι ὣραι ἔργα
2mv λόγων γραφῶν ὥρων ἔργων
3mv λόγοις γραφαις ὥρωαις ἔργοις
4mv λόγους γραφάς ὥρας ἔργα


In Tabel 4 staat de Vervoeging van het bepaald lidwoord in alle naamvallen en geslachten.

Tabel 4
Vervoeging bepaald lidwoord

Naamval m. vr. onz.
1e ev τό
2e ev τοῦ τῆς τοῦ
3e ev τῷ τῇ τῷ
4e ev τόν τήν τό
1e mv οἱ αἱ τά
2e mv τῶν τῶν τῶν
3e mv τοῖς ταῖς τοῖς
4e mv τούς τάσ τά


Samenvoeging van de lidwoorden (Tabel 4) met de zelfstandige naamwoorden uit Tabel 3 levert het volledige ovezicht van de vervoeging van deze zelfstandige naamwoorden met het bepaalde lidwoord. Zie Tabel 5.

Tabel 5
Vervoeging zelfstandig naamwoord met lidwoord

Naamval 2e decl.m. 1e decl.vr. 2e decl.onz.
1ev ὁ λόγος ἡ γραφή ἡ ὥρα τό ἔργον
2ev τοῦ λόγου τῆς γραφῆς τῆς ὥρας τοῦ ἔργου
3ev τῷ λόγῳ τῇ γραφῇ τῇ ὥρᾳ τῷ ἔργῳ
4ev τόν λόγον τήν γραφήν τήν ὥραν τό ἔργον
1mv οἱ λογόι αἱ γραφαι αἱ ὣραι τά ἔργα
2mv τῶν λόγων τῶν γραφῶν τῶν ὥρων τῶν ἔργων
3mv τοῖς λόγοις ταῖς γραφαις ταῖς ὥρωαις τοῖς ἔργοις
4mv τούς λόγους τάσ γραφάς τάσ ὥρας τά ἔργα